Help, mijn medewerkers gaan niet op vakantie!

2 juni 2020

De zomervakantie staat voor de deur, maar de Coronacrisis gooit bij een fors aantal vakantiegangers roet in het eten. Het overgrote deel van de vakanties is noodgedwongen geannuleerd of het is nog onzeker of de reis door kan gaan. Om die reden kloppen veel medewerkers bij hun werkgever aan met de vraag of zij hun opgenomen vakantiedagen mogen intrekken of verschuiven. Maar hoe ga je hier als werkgever nou mee om? Je begrijpt de wens van je medewerker wel, maar wilt je organisatie niet tekortdoen. In dit artikel nemen we je graag mee in wat je als werkgever kan en mag in deze situatie.

“Nee” is ook een antwoord
Hoe vervelend het ook is voor de medewerker, je hoeft als werkgever niet in te gaan op een verzoek om vakantiedagen in te trekken of te verschuiven. Wettelijk gezien mag je je werknemer eraan houden om het aangevraagde verlof alsnog op te nemen.

Wees reëel 
Ben je er als werkgever van bewust dat je medewerker ook niet om deze situatie heeft gevraagd. Dus stug vasthouden aan de geplande vakantiedagen, omdat het nu eenmaal zo is vastgelegd, zal de relatie tussen jou en je medewerker niet ten goede komen. Is er voldoende werk, dan creëer je juist een win win situatie met het intrekken van het vakantieverzoek.
Kan het echt niet, omdat je anders later in het jaar in de problemen komt door onderbezetting of omdat je simpelweg geen werk voor je medewerker hebt, wees dan transparant en licht je besluit toe. Op die manier laat je zien dat je het verzoek van je medewerker serieus in overweging hebt genomen en daarmee kweek je begrip.

Rechten en plichten werkgever 
Als werkgever heb je rechten en plichten met betrekking tot vakantietegoeden. We zetten er een paar op een rijtje, die je mogelijk helpen bij het afhandelen van het verzoek van je werknemer(s):

Tot slot 
Wat je als werkgever ook moet besluiten, de kracht zit hem in de dialoog met je medewerker, met transparantie en duidelijkheid als sleutelwoorden.

Succes!